Op het vuur: NY-Clumsy style meatballs ’n spaghetti

22 02 2011

“Go West”, wisten de Pet Shop Boys al begin jaren negentig, toen de Rode Duivels nog tegen een bal konden stampen en Justin Bieber niets meer was dan een iets sneller kloppend hartje was bij moeder Bieber. Het heeft eventjes geduurd, maar ondertussen is ook die kogel door de kerk: Clumsy en Mrs. Teaspoon trekken de grote plas over. New York, we komen eraan!

Om alvast in de sfeer te komen, stond deze klassieker op tafel. Klassieker toch voor iemand als Clumsy die opgroeide met maffiafilms waar la mama op zondag de godfather en z’n capo’s ‘mietboals ’n spughe’i’ serveren. Nog zo’n televisionele herinnering aan het gerecht komt uit een film – maar hoe heette die ook al weer? – over twee Italiaanse broers die hun kans wagen in het beloofde land en in NY een Italiaans restaurant openen. Alleen blijkt niemand in de States geïnteresseerd in hun authentieke keuken en krijgen ze – tot grote frustratie van de kok – steeds de vraag naar “real italian food, meatballs ’n spaghetti, you know?”. Heerlijk filmpje in mijn herinnering.

Nodig voor 2 oceaanstomers:

250 gram pasta (in dit geval cappellini)

1 fijngesneden sjalotje

1 teentje look

2 italiaanse chipolata’s

1 blik tomaten in blokjes

rode wijn azijn

handvol verse basilicum

zachte ricotta

chili, oregano, tijm, peper en zout

Zet een ruime pan water op voor de pasta. Stoof ondertussen de sjalot en look in wat olijfolie. Voeg de kruiden en tomaten toe. Als de tomaten saus kookt, giet je er een geutje azijn bij en laat je rustig verder pruttelen. Ondertussen nijp je het vlees uit de chipolata’s en draai je er balletjes van. Braad deze aan in een pas. Als ze goed bruin zijn, kan je de tomatensaus toevoegen. Ondertussen is ook je pasta gaar. Giet deze af en pleur er de saus over. Afwerken met verse basilicum en wat zachte ricotta.

Advertenties




Op het vuur: Chili con carne, baby!

15 02 2011

Vandaag gelezen: ‘Belgen eten minder vlees’. Los van de ethische en ecologische betekenissen van het bericht deed het me toch even denken aan hoe het eigenlijk bij ons zat. Eten wij minder vlees? Ik denk het niet, nee. Eten we verstandiger vlees? Ik hoop het. Vlees van hier, vlees dat niet de halve aardbol rondreisde. En niet elke dag hetzelfde. Dat zeker. Een week lang entrecotekes van een witblauwke zou ook maar gaan tegen steken. Alhoewel…

Maar we dwalen af. Vlees dus. Lekker en indien een weinig verstandig gekozen ook nog gezond voor jezelf én de planeet. En in deze wintermaanden (sorry, het receptje zit al een tijd te wachten) kan een stevige vleesmaaltijd fameus deugd doen. En dat moet niet altijd moeilijk zijn. En als je er een beetje tijd en liefde insteekt is ie zelfs ronduit verrukkelijk. Het geheim? Vers geroosterde paprika’s. Ja, het is een weinig gedoe. Maar eens je ze zelf gemaakt en geproefd hebt, wil je z’n gepotte broertjes nooit meer op je bord. Ohja, voor de drukbezette mensen: dit is er eentje zonder afwas. 1 pot. That’s it.

Nodig voor 4 wintermagen:

100 gram spek in blokjes

250 gram gehakt (varkens-rund)

1 grote ajuin in ringen gesneden

1 fijngehak teentje look

1 (of zoveel je wil of aankan) rode pepertjes, fijngesneden

150 gram rode bonen (uit blik als je wil, vers geweekt als je tijd hebt. Gebruik je bonen uit blik, best even afspoelen)

2 blikken tomatenblokjes

1 glas rode wijn

2 paprika’s

Fijngesneden bladpeterselie

Zure room en ingelegde groene pepers voor de garnering

Kruiden: ik gebruik een mengseltje uit de winkel met cacao, chili en kaneel. Wreed lekker. Je kan evengoed deze drie er naar smaak bij doen. Schrik niet van de cacao want het is miljaarde goed!

Recept:

Rooster de paprika’s: snij ze in 3 en leg ze met de velkant naar boven onder de grill tot ze zwart zien. Haal ze dan uit de oven en laat ze even afkoelen in een plastic zak. Daarna kan je het vel makkelijk van de paprika’s halen. Snij ze in reepjes en hou ze klaar. Deze gaan op het eind terug in je potje.

Bak het spek en het gehakt in wat vetstof tot ze bruin zien. Draai het vuur lager en voeg de ui, look en pepertjes toe. Als deze glazig zijn, blus je alles met de wijn. Eens de alcohol verdampt is, mag je er de tomaten bij doen. Nu kan je kruiden naar smaak. Wat meer of minder chili, een snuifje kaneel en cacaopoeder, peper en zout. Laat alles nu wat pruttelen en voeg na ongeveer 10 minuten de bonen en de paprika toe. Afwerken met peterselie en serveren met een dot zure room en een groen pepertje als dat je ding is. Smakelijk!

Is getekend: The Clumsy Chef





Op het vuur: Hamburgers, een instituut?

18 08 2008

Nu we het toch hebben over caloriebommen en Amerikanen, waarom dan niet meteen over hamburgers? Ik las onlangs in Ché (u weet wel, dat boekske dat u koopt ‘voor de artikels’ om vervolgens te beseffen dat de naaktfactor toch beduidend onder uw verwachtingen scoort en u alsnog de artikels gaat lezen) dat hamburgers een ondergewaardeerd Amerikaans instituut zijn. En dat een echte hamburger geen uitstaans heeft met wat ze bij McDo en collega’s verpatsen. Goed zo.

Ik heb iets tegen Amerikaanse instituten. Ze doen me iets te vaak denken aan fundamentele christenhonden en “In America, everything’s bigger ” (behalve het gemiddelde IQ) -toestanden. En aan scholen die iets willen doen voor de veiligheid van hun leerlingen door de leerkrachten wapens te laten dragen. (Echt waar, Dumfuckistan: ik heb de oplossing voor jullie problemen met vuurwapens: verbied ze) Nee, Amerika, niet mijn favoriete land.

Aan de andere kant: ze hebben ons ook mooie dingen geschonken. Wat zou de hedendaagse cinema zijn zonder Hollywood? Europa zonder landing in Normandië? Mijn (en die van vele andere mannen én vrouwen) fantasieën zonder Angelina Jolie? Juist ja, niet vet veel. Dus wil ik die hamburgers nog een kans geven. Vooral als ik er m’n eigen ding mee mag doen.

Dus Amerika: bedankt voor de burgers en Angelina. Hou het daarbij, gooi uw kernarsenaal overboord, doe gewoon en we worden allemaal dikke – no pun intented– vriendjes.

Recept:

Nodig: gehakt, sjalot, parmezaan, eieren, broodkruim, peper, zout, sla, tomaten, jonge kaas, mosterd, broodjes.

Ik heb voor dit recept het gehakt gemengd met een gesnipperd sjalotje, geraspte parmezaan, wat eieren, peper en zout en broodkruim.  Je kan hiermee doen wat je wil: champignons, gekookte worteltjes, geraspte courgette: go wild. Zorg er gewoon voor dat je iets kan fabriceren dat stevig blijft.

Bakken: je hebt hier opnieuw verschillende opties. Heb je een bbq of goede grill: gewoon daarop gooien en wachten. Geeft waarschijnlijk het beste resultaat. Wij hebben gekozen om de hamburgers eerst te koken in wat bouillon en te bakken in een pan. Zo zijn ze perfect doorbakken en sukkel je niet met aangebakken restjes. Je kan ze tenslotte ook gewoon bakken in een pan, maar dat is ietsje moeilijker en voor je het weet eindig je met gehavende burgers. Draai je hamburger sowieso maar 1 keer om. Zo krijg je het beste resultaat. Voor cheesburgers: als je de hamburger gedraaid hebt, leg er dan een plakje kaas op terwijl ie nog in de pan ligt. Zo smelt je kaas net genoeg voor je de burger naar binnen werkt.

Broodje: hierover zijn volledige bibliotheken volgeschreven. Mrs. Teaspoon zweert bij een lekker ouderwetse pistolet omdat zij haar hamburgers liefst heeft “zoals op de markt”. Anderen eisen een sesambroodje zoals in het frituur. Ik hou wel van zachte ovenbroodjes. Kies vooral zelf.

Groentjes: Hier geldt opnieuw de stelregel “kies vooral zelf”. Ik hou het zelf liefst zo simpel mogelijk: sla en tomaat. En omdat ik er zin in had: rucola en kerstomaatjes. Lekker verfijnd.

Saus: goede mosterd. Met bollekes in. Niets anders. Sorry.

Is getekend: The Clumsy Chef